Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
Stichting Havensteder,
Rechtbank Rotterdam
De huurovereenkomst tussen Stichting Havensteder en [gedaagde] is buitengerechtelijk ontbonden op grond van artikel 7:231 lid 2 BW Pro vanwege de sluiting van de woning door de burgemeester na vondst van een handelshoeveelheid heroïne in de kelderbox.
[gedaagde] betwist de ontbinding en voert onder meer aan dat zij niet op de hoogte was van de drugs, dat zij verschoonbaar heeft gehandeld en dat er een zwaarwegend belang is bij behoud van de woning. Havensteder stelt een strikt zero tolerance-beleid te voeren vanwege de leefbaarheid in de wijk.
De rechtbank oordeelt dat de ontbinding rechtsgeldig is en niet onaanvaardbaar is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid, mede gelet op de omvang van de drugs en het risicovolle veiligheidsgebied. De gevorderde ontruiming wordt toegewezen met een termijn van vier weken. De vorderingen tot schadevergoeding en huurteruggave worden afgewezen.
De huurder wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en gewezen door mr. R. Kruisdijk.
Uitkomst: De huurovereenkomst is buitengerechtelijk ontbonden en ontruiming van woning en parkeerplaats wordt toegewezen.