Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..Inleiding
bijlage Ibij dit vonnis.
2..Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder feit 1, primair, en feit 2, impliciet primair, ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een geldboete van € 80.000,-, waarvan € 40.000,- voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
3..Ontvankelijkheid van de officier van justitie in de vervolging
4..Waardering van het bewijs
Wat was het gehalte aan aflatoxine ten tijde van de verkoop aan [naam bedrijf 2] ?
margin of exposurebij een volwassene van 60 kg die ruim lager is dan de door EFSA geadviseerde margin of exposure. Anders gezegd: dit is riskanter dan de EFSA adviseert.
opzettelijkin de handel heeft gebracht met verzwijging van het gevaar voor de gezondheid of dat zij er
schuldaan heeft dat dit is gebeurd.
opzettelijkhandelen in strijd met artikel 2.17 van de Wet dieren. De verdachte heeft ten aanzien van de partijen pinda’s van feit 2 op eenzelfde wijze gehandeld als bij de partijen pinda’s van feit 1, met het enige verschil dat het hier gaat om pinda’s die bestemd waren voor diervoeder. Wat hiervoor is overwogen over het opzet in feit 1, is ook hier van toepassing: opzet kan niet worden bewezen, want er zijn contra-indicaties om opzet aan te nemen. De verdachte zal daarom ook van feit 2, in de impliciet primaire variant, worden vrijgesproken.
5..Strafbaarheid feit
6..Strafbaarheid verdachte
7..Motivering straf
8..Toepasselijke wettelijke voorschriften
9..Bijlagen
10..Beslissing
geldboete van € 60.000,00 (zestigduizend euro);
€ 30.000,00 (dertigduizend euro)niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;