Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
2.De beoordeling
De beslissing
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Op 7 januari 2020 heeft de aangever een verzoek tot eigen aangifte faillietverklaring ingediend bij de rechtbank Rotterdam. Tijdens de raadkamerzitting op 20 januari 2020 is het verzoek inhoudelijk besproken.
De rechtbank constateert dat de aangever voldoet aan de voorwaarden van het niet meer kunnen betalen van schulden, zoals vereist in de Faillissementswet. Echter, de aangever beschikt naar eigen zeggen niet over enige baten die tot executie kunnen worden gebracht. Hierdoor is er geen te verwachten vermogen dat het faillissement rechtvaardigt.
De rechtbank overweegt dat het instellen van een faillissement zonder baten geen doel dient, omdat een curator het faillissement snel zal voordragen voor opheffing wegens gebrek aan baten en oplopende kosten. Ook is niet gebleken dat er belangen van derden, zoals werknemers, zijn die het faillissement rechtvaardigen.
Daarom wordt de aangever niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot faillietverklaring. Tegen deze beschikking kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld door een advocaat bij het gerechtshof.
Uitkomst: Aangever wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot faillietverklaring wegens ontbreken van baten en onvoldoende belang.