ECLI:NL:RBROT:2020:8039
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens gebrek aan persoonlijk procesbelang bij beschut werk
Eiser heeft een beroepsprocedure gestart tegen het dagelijks bestuur van Werk & Inkomen Hoeksche Waard omdat hij meent recht te hebben op beschut werk. Tijdens een telefonisch horen, gehouden vanwege de coronamaatregelen, gaf eiser aan op dit moment geen beschut werk meer te willen. Hierdoor stelde de rechtbank de vraag of eiser nog een persoonlijk belang had bij de behandeling van het beroep.
Eiser gaf aan dat hij een principiële uitspraak wenst over de uitleg van de Participatiewet met betrekking tot beschut werk, wat mogelijk van belang kan zijn voor anderen in vergelijkbare situaties. De rechtbank overwoog dat procesbelang vereist is om het beroep ontvankelijk te verklaren; dit betekent dat hetgeen eiser met het beroep wil bereiken ook daadwerkelijk bereikt moet kunnen worden en van feitelijke betekenis moet zijn voor eiser zelf.
De rechtbank concludeerde dat een principiële uitspraak zonder persoonlijk belang van eiser niet voldoet aan het vereiste van procesbelang. Daarom werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak werd op 31 augustus 2020 mondeling gedaan door rechter P. Vrolijk, zonder fysieke zitting, en partijen werden geïnformeerd over de mogelijkheid van hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan persoonlijk procesbelang van eiser.