ECLI:NL:RBROT:2020:9948
Rechtbank Rotterdam
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen verlenging huisverbod wegens gevaar voor veiligheid gezinsleden
Bij besluit van 2 juli 2020 werd aan verzoeker een huisverbod opgelegd. Na vernietiging van dit besluit werd het huisverbod op 10 juli 2020 verlengd tot 30 juli 2020. Verzoeker stelde beroep in tegen deze verlenging en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het gevaar voor de veiligheid van de achterblijvers nog steeds bestond, omdat hulpverlening nog niet tot stand was gekomen en er geen veiligheidsafspraken waren gemaakt. Verzoeker stond weliswaar open voor hulpverlening, maar de achterblijvers waren bang voor represailles en er bestond onenigheid over de feiten.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Ook zag de voorzieningenrechter geen aanleiding om het huisverbod per direct op te heffen. De rechter benadrukte dat het huisverbod verlengd kon worden zolang het gevaar voortduurde en dat verweerder bevoegd was om van deze bevoegdheid gebruik te maken.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van het huisverbod wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.