ECLI:NL:RBROT:2021:10254
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging verstekvonnis en zuivere aanvaarding nalatenschap met veroordeling tot betaling vereffeningskosten
Op 16 augustus 2016 is de erflater overleden zonder testament, gehuwd of geregistreerd partner en zonder kinderen. De nalatenschap werd vereffend onder toezicht van een door de rechtbank benoemde vereffenaar. Na opheffing van de vereffening bleven er openstaande kosten van €7.284,63 aan loon voor de vereffenaar.
Eiser stelde dat gedaagde de nalatenschap zuiver had aanvaard, onder meer door het verrichten van beschikkingshandelingen zoals het overboeken van gelden van de nalatenschapsrekening naar haar eigen rekening en het op haar naam zetten van motorvoertuigen. Gedaagde voerde verweer en stelde dat zij slechts beheer voerde en dat overboekingen bedoeld waren voor begrafeniskosten, maar kon dit niet onderbouwen.
De kantonrechter oordeelde dat het handelen van gedaagde onmiskenbaar duidt op zuivere aanvaarding van de nalatenschap, waardoor zij aansprakelijk is voor de schulden van de nalatenschap. De vordering tot betaling van het openstaande loon en de incassokosten werd toegewezen. Het verzet tegen het verstekvonnis werd verworpen en het vonnis werd bekrachtigd. Gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het verstekvonnis wordt bekrachtigd en gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van openstaande vereffeningskosten, rente en incassokosten.