Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1..De beschuldiging in de tenlastelegging
N-formylamfetamine) uiteindelijk synthetische drugs te maken. Bovendien was niet alle daarvoor benodigde apparatuur aangesloten.
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 12 oktober 2021 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen en medeplichtigheid aan de productie en het bezit van amfetamine en MDMA in de periode van 29 mei tot en met 8 juni 2018.
De tenlastelegging betrof primair het gezamenlijk aanwezig hebben van hoeveelheden amfetamine en/of MDMA en subsidiair medeplichtigheid aan de productie van deze synthetische drugs door het beschikbaar stellen van een schuur aan medeverdachten.
Na onderzoek en het horen van partijen concludeert de rechtbank dat niet wettig en overtuigend is bewezen dat verdachte betrokken was bij de productie of het aanwezig hebben van amfetamine of MDMA. Hoewel verdachte wetenschap had van een drugslab op zijn erf, is niet aangetoond dat daadwerkelijk synthetische drugs werden geproduceerd of aanwezig waren.
De rechtbank wijst het bewijs af en spreekt verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De motivering benadrukt het ontbreken van sporen, telefoontaps en het feit dat niet alle benodigde apparatuur was aangesloten.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer, waarbij de voorzitter en twee rechters het vonnis ondertekenden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen en medeplichtigheid aan productie en bezit van amfetamine en MDMA.