ECLI:NL:RBROT:2021:10599
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en WIA-uitkering na neurologische en gewrichtsklachten
Eiser heeft een WIA-uitkering aangevraagd wegens arbeidsongeschiktheid na neurologische en gewrichtsklachten. Verweerder stelde het arbeidsongeschiktheidspercentage aanvankelijk vast op 36,41%, later verhoogd naar 42,49% na bezwaar. Eiser betwistte deze vaststelling en voerde aan meer beperkingen te hebben, waaronder fysieke klachten en ongeschiktheid voor de geduide functies.
De rechtbank heeft het medisch en arbeidsdeskundig onderzoek zorgvuldig beoordeeld. Het verzekeringsgeneeskundig onderzoek en de functionele mogelijkhedenlijst zijn als zorgvuldig en volledig aangemerkt. De rechtbank oordeelt dat het feit dat eiser hulp in de huishouding ontvangt niet zonder meer betekent dat hij beperkt is in zijn algemene dagelijkse levensverrichtingen. De arbeidsdeskundige heeft op basis van het juiste opleidingsniveau passende functies geselecteerd die binnen de fysieke belastbaarheid van eiser liggen.
De rechtbank concludeert dat verweerder de mate van arbeidsongeschiktheid terecht heeft vastgesteld op 42,49%, wat een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid betekent tussen 35% en 80%. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het WIA-besluit wordt ongegrond verklaard en het arbeidsongeschiktheidspercentage van 42,49% bevestigd.