Eiseres diende een beroep in tegen het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wegens niet tijdig beslissen op een urgentieverzoek. Verweerder verklaarde zich onbevoegd en wees op de Stichting Urgentiebepaling Woningzoekenden Rijnmond (SUWR) als beslissingsbevoegde instantie. De rechtbank oordeelt dat de brief van verweerder een besluit of een schriftelijke weigering tot besluitvorming vormt, waardoor het beroep wegens niet tijdig beslissen niet ontvankelijk is.
De rechtbank stelt dat eerst bezwaar moet worden gemaakt bij verweerder, waarna eventueel beroep kan worden ingesteld. Dit volgt uit de toepasselijke bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht en de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2019. Omdat in de brief van verweerder een bezwaarclausule ontbrak, wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het door eiseres betaalde griffierecht en proceskosten voor de schriftelijke reactie op vragen van de rechtbank.
De rechtbank neemt het beroepschrift in behandeling als bezwaarschrift en verwijst naar een eerdere uitspraak in een vergelijkbare zaak. Het verzoek om vaststelling van dwangsommen wordt afgewezen omdat geen sprake is van niet tijdig beslissen. De uitspraak is gedaan door rechter E. Lunenberg en griffier R. Stijnen op 15 november 2021.