ECLI:NL:RBROT:2021:11316
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw en gokverslaving
Verzoeker heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling met een schuldenlast van circa €34.445,69. De rechtbank beoordeelde of verzoeker te goeder trouw was met betrekking tot het ontstaan en onbetaald laten van schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek, en of hij de verplichtingen uit de regeling zou nakomen.
De rechtbank constateerde dat verzoeker fraudeschulden had aan de gemeente Rotterdam van ruim €5.000 vanwege onterecht ontvangen bijstandsuitkering, waarbij verzoeker niet volledig en juist had geïnformeerd over zijn inkomsten uit online gokken. Daarnaast was er een schuld aan de Belastingdienst van €4.574 wegens ten onrechte ontvangen toeslagen, waarbij verzoeker eveneens naliet de Belastingdienst adequaat te informeren.
Verder was er een gegronde vrees dat verzoeker de verplichtingen niet zou nakomen, omdat hij recent leefgeld gebruikte om te gokken en zijn gokverslaving niet onder controle leek te zijn. Ondanks dat verzoeker aangaf in behandeling te zijn, ontbrak een bevestiging daarvan. De rechtbank concludeerde dat onvoldoende was aangetoond dat de gokverslaving onder controle was, waardoor het verzoek werd afgewezen. Verzoeker kan een nieuw verzoek indienen zodra hij kan aantonen dat zijn verslaving onder controle is.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens niet te goeder trouw ontstane schulden en gegronde vrees dat verplichtingen niet worden nagekomen vanwege gokverslaving.