Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..[persoon A] ,
[persoon C],
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 17 december 2020, met zeventien producties;
- de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende conclusie van eis in voorwaardelijke reconventie, met twintig producties;
- de oproepingsbrieven van 3 mei 2021 voor de mondelinge behandeling op 9 juli 2021 en de brieven van 9 juni 2021 van de rechtbank, waarbij partijen onder meer is verzocht zich uit te laten over de vraag welke rechter bevoegd is de zaak te behandelen;
- de conclusie van antwoord in voorwaardelijke reconventie;
- de akte uitlaten en akte overleggen stukken van [persoon A] , met producties 18 tot en met 26;
- de akte uitlaten tevens akte houdende producties van ACZ, met producties 21 en 22;
- de (abusievelijk niet eerder verzonden) brief van 8 juli 2021 van de rechtbank met nadere informatie over de mondelinge behandeling, van welke behandeling geen proces-verbaal is opgemaakt;
- het vonnis van de rechtbank van 14 juli 2021, waarbij de zaak is verwezen naar de kamer voor kantonzaken van deze rechtbank;
- het vonnis van de kantonrechter van 2 augustus 2021, waarbij partijen zijn opgeroepen voor de mondelinge behandeling op 23 september 2021;
- de brief van 7 september 2021 van de kantonrechter met nadere informatie ter voorbereiding op de mondelinge behandeling op 23 september 2021, waarvan geen proces-verbaal is opgemaakt;
- de notitie inzake [persoon A] - ACZ, visie [persoon A] ;
- de notitie van ACZ.