ECLI:NL:RBROT:2021:11821
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen uitspraak inzake niet-ontvankelijkheid bezwaar uitstel betaling gemeente Rotterdam
Opposant heeft bezwaar gemaakt tegen een brief van de gemeente Rotterdam waarin uitstel van betaling werd verleend en een schuldenoverzicht werd verstrekt. Dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het niet gericht was tegen het uitstel van betaling zelf, maar tegen de grondslag van de terugvordering die reeds onherroepelijk was.
De rechtbank heeft in eerdere uitspraken het beroep van opposant tegen dit besluit eerst niet-ontvankelijk verklaard, daarna het verzet gegrond verklaard waardoor het onderzoek werd voortgezet, en vervolgens het beroep ongegrond verklaard. Tegen deze laatste uitspraak stelde opposant verzet in.
In de verzetprocedure oordeelt de rechtbank dat de vereenvoudigde behandeling terecht is toegepast omdat het beroep kennelijk ongegrond was. Opposant had geen inhoudelijke gronden van bezwaar ingediend en de brief van de gemeente was geen besluit in de zin van de Awb. Het verzet wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van 21 juli 2021 blijft in stand.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van 21 juli 2021 blijft in stand.