Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..[bedrijf B] ,
1..De procedure
- de dagvaarding tevens houdende incidentele vordering tot exhibitie, met producties A tot en met F en 1 tot en met 15;
- de conclusie van antwoord in het incident, met producties 1 en 2;
- de conclusie van repliek in het incident, met productie 16;
- de conclusie van dupliek in het incident, met producties 3 en 4.
2..De vordering in de hoofdzaak
primairde contractuele rente van € 60.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente over het restantbedrag en
subsidiairde wettelijke rente en de buitengerechtelijke incassokosten, eveneens te vermeerderen met de wettelijke rente. Daarnaast vordert [persoon A] betaling van de proceskosten, beslagkosten en nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na het vonnis.
3..Het geschil in het incident
productie 8);
productie 9);
productie 8);
4..De beoordeling in het incident
NJ2012/158).
5..De beslissing
12 januari 2022voor conclusie van antwoord aan de zijde van [bedrijf B] en [persoon B1] .