De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling van een kind dat in het verleden getuige was van huiselijk geweld en drugsgebruik door de moeder. Het kind woont bij de vader en heeft beperkt contact met de moeder, die nog geen vaste woonplek heeft. De communicatie tussen de ouders is wisselend en er is onvoldoende vertrouwen dat zij zelfstandig afspraken kunnen maken in het belang van het kind.
De vader voert verweer tegen de verlenging, stellende dat het kind zich positief ontwikkelt en hij meewerkt, maar dat de moeder nog geen stabiele situatie heeft. De moeder stemt in met de verlenging en wil meer contact met het kind. De kinderrechter oordeelt dat het wettelijke criterium voor verlenging is voldaan omdat de ontwikkeling van het kind nog bedreigd wordt, de hulpverlening onvoldoende op gang is gekomen en de ouders onvoldoende constructief communiceren.
De ondertoezichtstelling wordt verlengd voor zes maanden tot 11 juni 2022, met een pro forma aanhouding van verdere behandeling tot 1 mei 2022 om de voortgang te monitoren. De GI wordt verzocht te rapporteren over de stand van zaken, met bijzondere aandacht voor het vinden van woonruimte door de moeder en verbetering van het contact tussen moeder en kind.