Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek, met producties.
Rechtbank Rotterdam
Mőller Autoschade Noord B.V. maakte per abuis een bedrag van € 2.137,50 over naar een oude bankrekening van gedaagde. Gedaagde had werkzaamheden verricht en factureerde € 919,50. Mőller sommeerde gedaagde tot terugbetaling van het onverschuldigde bedrag, wat uiteindelijk gedeeltelijk werd voldaan.
Gedaagde stelde dat partijen hadden afgesproken de zaak te laten rusten vanwege coronamaatregelen en dat verrekening van de factuur met het onverschuldigde bedrag was besproken maar Mőller eerst het volledige bedrag terug wilde. De kantonrechter oordeelde dat gedaagde de factuur mocht verrekenen met het onverschuldigde bedrag zonder toestemming van Mőller, waardoor een restantbedrag van circa € 1.218 overbleef.
Omdat gedaagde in verzuim was geraakt met de betaling van dit restant, werd hij veroordeeld tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente over het resterende bedrag vanaf de dag van verzuim. De gevorderde wettelijke rente over incassokosten werd afgewezen wegens onvoldoende bewijs van betaling daarvan. Gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van incassokosten, wettelijke rente en proceskosten na toewijzing van verrekening.