ECLI:NL:RBROT:2021:13013

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
25 november 2021
Publicatiedatum
30 december 2021
Zaaknummer
627470 / HA RK 21-1226 A
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 RvArt. 8.2 Wrakingsprotocol rechtbank Rotterdam
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wraking van griffier niet-ontvankelijk verklaard

Verzoeker heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend tot wraking van de griffier die de kantonrechter bijstond tijdens een zitting op 19 oktober 2021. Deze zitting betrof een procedure over een aanslag van de Regionale Belasting Groep, waarbij verzoeker een verzoek tot toepassing van de hardheidsclausule en verhoging van de beslagvrije voet had ingediend.

De wrakingskamer heeft het verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, waarin is bepaald dat een wrakingsverzoek alleen kan worden gericht tegen rechters die een zaak behandelen. De wet biedt geen mogelijkheid tot wraking van een griffier.

Daarom is het verzoek van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard, met toepassing van artikel 8.2, aanhef en onder e, van het Wrakingsprotocol van de rechtbank Rotterdam. De beslissing is op 25 november 2021 in het openbaar uitgesproken door de meervoudige kamer voor wrakingszaken.

Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot wraking van de griffier.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam
Meervoudige kamer voor wrakingszaken
Zaaknummer / rekestnummer: 627470 / HA RK 21-1226
Beslissing van 25 november 2021
op het verzoek van
[naam verzoeker],
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
strekkende tot wraking van:
de griffierin de rechtbank Rotterdam, team kanton 1, die de kantonrechter mr B.J.R. van Tongeren bijstond op de zitting van 19 oktober 2021 (hierna: de griffier).

1.Het procesverloop en de processtukken

1.1
Ter zitting van 19 oktober 2021 heeft de kantonrechter het verzoekschrift van verzoeker tot het toepassen van de hardheidsclausule en tot verhoging van de beslagvrije voet behandeld. Dit verzoek ziet op een aanslag van de Regionale Belasting Groep (RBG), verweerster in die procedure. Die procedure draagt als kenmerk 9455256 VZ EXPL 21-15610. Hij is op die zitting bijgestaan door de griffier.
1.2
Bij brief van 21 oktober 2021 heeft verzoeker onder andere de wraking van de griffier verzocht.
1.3
Aan de wrakingskamer is ter beschikking gesteld het dossier van de hiervoor omschreven procedure, waarin zich onder meer bevindt:
- het proces-verbaal van de hiervoor bedoelde zitting;
- de schriftelijke toelichting op het wrakingsverzoek.

2.De ontvankelijkheid van het verzoek

Gelet op artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een wrakingsverzoek alleen zijn gericht tegen rechters of een rechter die een zaak behandelen of behandelt.
2.2
De wet biedt niet de mogelijkheid tot wraking van de griffier. Verzoeker is daarom kennelijk niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking van de griffier. Verzoeker zal op die grond, met toepassing van het bepaalde in artikel 8.2, aanhef en onder e, van het Wrakingsprotocol van deze rechtbank, niet-ontvankelijk worden verklaard in het verzoek.

3.De beslissing

De rechtbank:
- verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek tot wraking van de griffier.
Deze beslissing is gegeven door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter, mr. A. Verweij en
mr. J. van den Bos, rechters en door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 25 november 2021 in tegenwoordigheid van mr. M.L.F. de Leeuw, griffier.
Verzonden op:
aan:
-
-
-
-