ECLI:NL:RBROT:2021:13145
Rechtbank Rotterdam
- Verschoning
- P.C. Santema
- M.G.L. de Vette
- M. de Geus
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens vrees voor partijdigheid
In deze strafzaak heeft een rechter van de rechtbank Rotterdam een verzoek tot verschoning ingediend. Deze rechter was eerder lid van de raadkamer die de voorlopige hechtenis van de verdachte heeft opgeheven omdat de ernstige bezwaren niet langer aanwezig werden geacht. Sinds die beslissing zijn geen noemenswaardige stukken aan het dossier toegevoegd.
De officier van justitie uitte vrees voor partijdigheid, omdat de rechter mogelijk niet snel op zijn of haar eerdere oordeel zou terugkomen. Hoewel de rechter zelf geen subjectieve onpartijdigheidsproblemen zag, erkende zij dat de vrees van de officier objectief gerechtvaardigd kon zijn.
De rechtbank oordeelde dat verschoning een middel is om de onpartijdigheid van de rechter te waarborgen. Gezien de omstandigheden en het feit dat de rechter zelf het verzoek indiende, achtte de rechtbank de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd en wees het verzoek tot verschoning toe.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer voor verschoningszaken, waarbij de rechter die het verzoek deed niet langer betrokken zal zijn bij de verdere behandeling van de zaak.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.