De rechtbank Rotterdam heeft op 16 november 2021 besloten tot verlenging van de PIJ-maatregel van de veroordeelde, die sinds 15 november 2019 in een Justitiële Rijks Jeugdinrichting verblijft vanwege verkrachting in vereniging en diefstal met geweld.
De officier van justitie verzocht om een verlenging van achttien maanden, terwijl de verdediging twaalf maanden bepleitte. Het advies van de inrichting en de deskundige GZ-psycholoog onderstreepten de noodzaak van een langere verlenging vanwege de complexe problematiek van de veroordeelde, waaronder een antisociale persoonlijkheidsstoornis en een reactieve hechtingsstoornis.
Hoewel de veroordeelde enige positieve gedragsverandering vertoont en een lichte veranderwens heeft, is het behandeltraject nog in een vroeg stadium en is het recidiverisico matig tot hoog. De rechtbank oordeelt dat verlenging noodzakelijk is voor een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling en veiligheid van derden.
De maatregel wordt verlengd tot 16 mei 2023, waarna deze onvoorwaardelijk zal eindigen. Tegen deze beslissing kan binnen veertien dagen beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.