De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond om een machtiging gesloten jeugdhulp te verlenen voor een kind geboren in 2013, dat verblijft in een gesloten groep van Bergse Bos. De moeder oefent het ouderlijk gezag uit en stemt in met het verzoek. De machtiging is bedoeld om het kind, dat impulsief en prikkelbaar is en een gevaar vormt voor zichzelf en anderen, in een gestructureerde en veilige omgeving te laten verblijven.
De kinderrechter heeft de zaak op 23 december 2021 met gesloten deuren behandeld en het kind gehoord in aanwezigheid van zijn advocaat. De situatie van het kind is complex, met forse regulatie- en prikkelverwerkingsproblematiek en onvermogen om adequaat af te stemmen op anderen. Het verblijf in een open groep is momenteel niet haalbaar, en de geslotenheid van Bergse Bos biedt de noodzakelijke veiligheid en pedagogische structuur.
De kinderrechter oordeelt dat de gesloten jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van het kind ernstig belemmeren. De machtiging wordt verleend voor de periode van 30 december 2021 tot 30 juni 2022, met als doel stabilisatie en het vinden van een passende vervolgplek. De moeder en de advocaat van het kind ondersteunen de voortzetting van de plaatsing.
Tegen deze beschikking kan binnen drie maanden hoger beroep worden ingesteld door de verzoekers en andere belanghebbenden via het gerechtshof Den Haag, met tussenkomst van een advocaat.