ECLI:NL:RBROT:2021:13603
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Beoordeling boete wegens overschrijding inburgeringstermijn zonder medische onderbouwing
Eiseres kreeg een boete van €1250 opgelegd wegens het overschrijden van de inburgeringstermijn die liep tot 20 december 2018. Zij stelde dat zij door medische redenen en persoonlijke omstandigheden niet tijdig kon inburgeren en dat de boete onterecht was opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende medische objectieve informatie had overlegd om de niet-verwijtbaarheid van de termijnoverschrijding aan te tonen. Verklaringen van een vrijwilligster en buurman waren onvoldoende en gegevens over het aantal gevolgde lesuren konden niet leiden tot een andere conclusie. De persoonlijke omstandigheden, zoals stress en de opvoeding van haar kind, werden niet als zodanig zwaarwegend beoordeeld dat zij de termijnoverschrijding rechtvaardigden.
De rechtbank vond dat verweerder het beleid correct had toegepast bij het vaststellen van de boete en dat er geen aanleiding was tot matiging. Ook de stelling dat eiseres niet was gewaarschuwd voor de boete werd verworpen, aangezien de wet en informatie op de website duidelijk zijn over de boete bij niet tijdig inburgeren. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overschrijding van de inburgeringstermijn wordt ongegrond verklaard.