Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- de dagvaarding van 30 december 2019 met producties;
- de conclusie van antwoord, en
- de conclusie van repliek met producties.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
In deze procedure vordert Marcan Vastgoed B.V. de vaststelling van het tijdstip waarop de huurovereenkomst met [gedaagde] is geëindigd, alsmede de ontruiming van de bedrijfsruimten en vergoeding van proceskosten. De huurder betwist de vordering en voert een belangenafweging in haar voordeel aan.
De kantonrechter stelt vast dat partijen het eens zijn over de beëindiging van de huurovereenkomst per 6 juli 2020, een datum die door [gedaagde] niet is betwist. Tevens is vastgesteld dat de bedrijfsruimten op die datum vrijwillig zijn ontruimd en de sleutels zijn ingeleverd.
Gezien deze vaststelling zijn de overige grondslagen van de vordering, zoals dringend eigen gebruik en slecht huurderschap, niet meer aan de orde. Marcan heeft daardoor geen belang meer bij de ontruimingsvordering. De kantonrechter veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad, terwijl het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De huurovereenkomst is per 6 juli 2020 geëindigd en [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten; het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.