Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een vordering van VGZ Zorgverzekeraar tegen een gedaagde die een zorgverzekering bij VGZ heeft afgesloten. VGZ vordert betaling van openstaande zorgkosten van €346,40 plus wettelijke rente en proceskosten vanwege niet-nakoming van de verzekeringsverplichting.
De gedaagde erkent de zorgkosten verschuldigd te zijn, maar betwist het ontvangen van facturen of aanmaningen, waardoor hij meent niet gehouden te zijn tot betaling van buitengerechtelijke kosten en proceskosten. De kantonrechter stelt vast dat VGZ onvoldoende bewijs heeft geleverd dat de aanmaningen de gedaagde daadwerkelijk hebben bereikt.
Wel zijn twee e-mails aan een door de gedaagde erkend e-mailadres verzonden, wat voldoende grond geeft voor dagvaarding en proceskostenveroordeling. De kantonrechter veroordeelt de gedaagde tot betaling van de zorgkosten met rente en de proceskosten, maar wijst de buitengerechtelijke kosten af wegens gebrek aan bewijs van ontvangst van aanmaningen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van zorgkosten met rente en proceskosten, buitengerechtelijke kosten worden afgewezen.