ECLI:NL:RBROT:2021:1452

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
25 januari 2021
Publicatiedatum
23 februari 2021
Zaaknummer
C/10/611363 / FA RK 21-257
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 WvggzArt. 7:11 WvggzArt. 2 lid 1 Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing zorgmachtiging op grond van Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

De rechtbank Rotterdam heeft op 25 januari 2021 een zorgmachtiging toegekend aan betrokkene, die lijdt aan een psychotische stoornis en momenteel verblijft in het Erasmus MC te Rotterdam. Het verzoek tot zorgmachtiging volgde op een eerdere crisismaatregel en is ingediend door de officier van justitie. Tijdens de mondelinge behandeling werden betrokkene, zijn advocaat, de officier en behandelaars gehoord.

Uit de medische verklaringen en het zorgplan blijkt dat betrokkene ernstige psychische klachten heeft, waaronder hevige angsten, akoestische hallucinaties, suïcidale uitspraken en agressief gedrag. Hoewel betrokkene momenteel verbetering toont en ziekte-inzicht heeft, is deze verbetering nog pril en is het onduidelijk wat de oorzaak van het psychotische toestandsbeeld is. Hierdoor bestaat het risico op verslechtering in de thuissituatie.

De rechtbank acht verplichte zorg noodzakelijk om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen. De zorgmachtiging omvat medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen, insluiting, beperkingen in de vrijheid en opname in een accommodatie. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de voorgestelde zorg is evenredig en effectief. De machtiging geldt voor 180 dagen vanaf 25 januari 2021.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg aan betrokkene voor 180 dagen.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie
Zaak-/rekestnummer: C/10/611363 / FA RK 21-257
Betrokkenenummer: [nummer]
Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 25 januari 2021 betreffende een zorgmachtiging in aansluiting op een voortzetting crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:11 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)
op verzoek van:
de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam,hierna: de officier,
met betrekking tot:
[naam betrokkene],
geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] , [geboorteland betrokkene] ,
hierna: betrokkene,
wonende te [woonplaats betrokkene] ,
thans verblijvende bij Erasmus MC te Rotterdam,
advocaat mr. W.H.J.W. de Brouwer te Rotterdam.

1..Procesverloop

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 12 januari 2021.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • de medische verklaring opgesteld door [naam psychiater 1] , psychiater, van 8 januari 2021;
  • de zorgkaart van 8 januari 2021;
  • het zorgplan van 7 januari 2021;
  • de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;
  • de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wvggz;
  • de relevante strafvorderlijke- en justitiële gegevens van betrokkene;
  • het bericht dat er geen relevante politiegegevens van betrokkene zijn.
1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 25 januari 2021. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van Pro de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:
  • betrokkene met zijn hiervoor genoemde advocaat;
  • J.F.C. Janssen, de officier;
  • [naam arts] , arts, en
  • [naam psychiater 2] , psychiater, beiden verbonden aan Erasmus MC.

2..Beoordeling

2.1.
Bij beschikking van deze rechtbank van 24 december 2020, is op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend. Tijdig, te weten op 12 januari 2021, is onderhavig verzoek ingediend.
2.2.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten een psychotische stoornis.
2.3.
Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van zijn psychische stoornis tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, maatschappelijke teloorgang en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Betrokkene is vrijwillig opgenomen in verband met een progressief psychotisch toestandsbeeld. Betrokkene heeft last van hevige angsten en akoestische hallucinaties. Tijdens de opname verslechterde het toestandsbeeld. Betrokkene sliep nauwelijks en hij deed suïcidale uitspraken. Het ene moment was betrokkene motorisch onrustig, het andere moment bewegingloos. Betrokkene is bang zijn kinderen wat aan te doen. Betrokkene heeft agressief gedrag vertoond richting de behandelaren, waarbij insluiting noodzakelijk was. Momenteel gaat het beter met betrokkene. Hij heeft ziektebesef en toenemend ziekte-inzicht. Betrokkene verblijft op een gedeeltelijk open afdeling en brengt nu de helft van de tijd weer thuis door.
2.4.
Om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint heeft betrokkene verplichte zorg nodig.
2.5.
Momenteel accepteert betrokkene de zorg en gaat het een stuk beter met hem. De behandelaar geeft tijdens de mondelinge behandeling wel aan dat de verbetering nog erg pril is. Aangezien het nog niet duidelijk is waardoor het psychotische toestandsbeeld is ontstaan, is het niet uit te sluiten dat het toestandsbeeld zal verslechteren in de thuissituatie. Als het toestandsbeeld van betrokkene verslechtert, ligt er een behoorlijk ernstig nadeel op de loer. Om deze redenen is verplichte zorg noodzakelijk. De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
  • het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis;
  • het beperken van de bewegingsvrijheid;
  • het insluiten;
  • het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten. Betrokkene moet ambulante behandelcontacten toestaan;
  • het opnemen in een accommodatie.
2.6.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.7.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van 180 dagen maanden met ingang van vandaag.

3..Beslissing

De rechtbank:
3.1.
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;
3.2.
bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.5. kunnen worden getroffen;
3.3.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 23 juli 2021.
Deze beschikking is op 25 januari 2021 mondeling gegeven door mr. L.R. Prins, rechter, in tegenwoordigheid van M.M.P.H. van den Boomen, griffier, en op 3 februari 2021 schriftelijk uitgewerkt en getekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.