De rechtbank Rotterdam behandelde op 5 februari 2021 het verzoek van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming West Zuid-Holland tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een kind geboren in 2007. De ondertoezichtstelling was eerder verlengd tot 8 februari 2021. De GI voerde aan dat het kind ernstig ondergewicht heeft, mogelijk levensbedreigend, en dat het eetpatroon verband houdt met een psychisch loyaliteitsconflict tussen de ouders.
Het kind woont sinds kort bij de vader, die zich meewerkend opstelt richting kinderarts en diëtist, maar de communicatie tussen de vader en de GI verloopt moeizaam. De moeder erkent de zorgen en steunt het kind, maar maakt zich zorgen over de opvoedsituatie bij de vader. De vader verzet zich tegen verlenging en stelt dat de ondertoezichtstelling beëindigd moet worden omdat het kind meer rust heeft en de afspraken worden nagekomen.
De rechtbank oordeelt dat het kind nog ernstig in zijn ontwikkeling wordt bedreigd en dat de situatie pril is. De moeizame communicatie en strijd tussen ouders maken het noodzakelijk dat de GI betrokken blijft om zicht te houden op de situatie. De ondertoezichtstelling wordt daarom met twaalf maanden verlengd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep.