Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
De huurder huurt een woning van Woningbouwvereniging Goeree-Overflakkee (WGO) en is in gebreke gebleven met de betaling van de huur, waardoor een achterstand van ruim acht maanden is ontstaan. WGO vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van de woning en betaling van de achterstallige huur inclusief wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten.
De huurder erkent de achterstand en wijst op zijn financiële problemen door baanverlies en de coronacrisis, maar geeft aan inmiddels weer inkomsten te hebben en bereid te zijn tot betaling en een regeling. De kantonrechter oordeelt dat de financiële omstandigheden de betalingsverplichting niet opheffen en dat de huurachterstand ernstig genoeg is voor ontbinding en ontruiming.
De gevorderde incassokosten worden afgewezen omdat WGO niet heeft bewezen dat de aanmaningsbrief is ontvangen. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de achterstallige huur met rente, de huur vanaf augustus 2020 tot ontruiming, ontruiming binnen 14 dagen na betekening van het vonnis en betaling van de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van de achterstallige huur met wettelijke rente.