ECLI:NL:RBROT:2021:1594
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep niet tijdig beslissen omgevingsvergunning
Opposant diende op 16 januari 2020 een aanvraag in voor een omgevingsvergunning voor het bouwen van een garage/berging. Na ingebrekestelling door opposant en een dwangsombesluit van verweerder, stelde opposant beroep in wegens het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag. De rechtbank verklaarde dit beroep op 24 september 2020 niet-ontvankelijk en het beroep tegen het dwangsombesluit ongegrond. Tevens werd het beroep tegen de buitenbehandelingstelling naar verweerder verwezen.
Opposant deed verzet tegen deze uitspraak. De verzetrechter oordeelde dat de inhoudelijke juridische beoordeling van het beroep nauw samenhangt met de materieelrechtelijke beoordeling op grond van de Wabo en dat er geen sprake was van zodanige kennelijkheid dat een zitting achterwege kon blijven. Hierdoor was het niet-ontvankelijk verklaren van het beroep niet terecht.
De rechtbank verklaarde het verzet gegrond, waardoor de eerdere uitspraak vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. De verzetrechter zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tevens werd vastgesteld dat de reguliere voorbereidingsprocedure van de Wabo van toepassing is en dat mogelijk sprake is van een vergunning van rechtswege vanwege het niet tijdig beslissen binnen de wettelijke termijn.
Uitkomst: Het verzet is gegrond verklaard, de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet.