Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verdere verloop van de procedure
2..De beoordeling
op dat momentop basis van de statuten van de Stichting en de haar bekende notulen van de bestuursvergadering [1]
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde een civiele zaak tussen de maatschap Lawton Advocaten en Stichting Gerard van Slobbe over de rechtsgeldigheid van een overeenkomst en onverschuldigde betaling.
De Stichting stelde dat er geen rechtsgeldige overeenkomst was omdat er geen geldig bestuur was toen de opdrachtbrief van 24 februari 2017 werd gesloten. Lawton beriep zich op artikel 2:6 lid 3 BW Pro dat bescherming biedt aan derden die te goeder trouw afgaan op het Handelsregister. De rechtbank oordeelde echter dat Lawton op de hoogte was van bestuursconflicten en dat er twijfel bestond over de defungering van bestuurders, waardoor zij niet als onkundig kon worden beschouwd en dus geen beroep kon doen op die bescherming.
De vordering van Lawton werd daarom afgewezen en zij werd veroordeeld tot terugbetaling van €15.000 aan de Stichting wegens onverschuldigde betaling, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 4 december 2017. Tevens werd Lawton veroordeeld tot betaling van proceskosten. De rechtbank verklaarde de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering van Lawton wordt afgewezen en zij moet €15.000 met rente terugbetalen aan de Stichting.