ECLI:NL:RBROT:2021:2404
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op huurprijsverlaging wegens geluidsoverlast door derden na beëindiging huurovereenkomst
De rechtbank Rotterdam behandelde een geschil tussen verhuurder Havensteder en huurder over huurachterstand, geluidsoverlast en herstelkosten.
De huurder klaagde over geluidsoverlast veroorzaakt door buren, wat zij als een feitelijke stoornis in het huurgenot ervaarde. De huurcommissie wees een huurprijsverlaging af omdat de overlast niet aan het gehuurde zelf lag. Een geluidsrapport bevestigde hoge geluidsniveaus, maar het rapport was niet volledig en kon geen ernstige overlast aantonen.
De rechtbank oordeelde dat geluidsoverlast door derden in principe geen gebrek is, tenzij de verhuurder niet optreedt tegen de overlastgever terwijl hij daartoe bevoegd is. Havensteder had adequaat gereageerd op klachten en maatregelen genomen, waaronder buurtbemiddeling en woningaanpassingen.
De huurprijsverlaging en vergoeding voor verminderd huurgenot werden afgewezen. De huurachterstand, herstelkosten en buitengerechtelijke incassokosten werden toegewezen. De huurovereenkomst was inmiddels beëindigd, waardoor opschorting van huurbetalingen niet meer mogelijk was.
Uitkomst: Huurachterstand en herstelkosten toegewezen, huurprijsverlaging wegens geluidsoverlast afgewezen.