ECLI:NL:RBROT:2021:2572

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 maart 2021
Publicatiedatum
25 maart 2021
Zaaknummer
C/10/608611 / HA ZA 20-1132
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Ontslag van rechtsvervolging
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 127 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontslag van instantie wegens niet-indienen dagvaarding door eiser

De besloten vennootschap Sizo Lind B.V. heeft [gedaagde 1 en 2] gedagvaard met een vordering tot betaling van € 55.542,00. De dagvaarding is echter niet ter griffie ingediend door of namens Sizo. Op verzoek van de gedaagden is de zaak op de rol geplaatst en is aan Sizo de gelegenheid gegeven een akte te nemen als bedoeld in artikel 127 tweede Pro lid Rv. Sizo heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid, noch een advocaat gesteld.

De rechtbank heeft daarom de gedaagden ontslagen van de instantie wegens het niet naleven van de procesregels door Sizo. Tevens is Sizo veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van de gedaagden, begroot op € 587,00 aan salaris advocaat.

Het vonnis is gewezen door rechter J.F. Koekebakker en op 17 maart 2021 in het openbaar uitgesproken. Hiermee wordt de procedure beëindigd zonder inhoudelijke beoordeling van de vordering van Sizo.

Uitkomst: De rechtbank ontslaat de gedaagden van de instantie wegens het niet indienen van de dagvaarding door Sizo en veroordeelt Sizo in de proceskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven
zaaknummer / rolnummer: C/10/608611 / HA ZA 20-1132
Vonnis van 17 maart 2021
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
SIZO LIND B.V.,
gevestigd te Capelle aan den IJssel,
eiseres,
tegen
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gedaagde 1] .,
gevestigd te [vestigingsplaats gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
wonende te [woonplaats gedaagde 2] ,
gedaagden,
advocaat: mr. J. Stokmans te Eindhoven.
Partijen worden hierna aangeduid als Sizo en [gedaagde 1 en 2] .

1..Het verloop van de procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • Het B1 formulier voor de rol van 25 november 2020 namens [gedaagde 1 en 2] , houdende het verzoek om ontslag van instantie en kostenveroordeling van Sizo, met bijlagen, waaronder de dagvaarding namens Sizo van 20 augustus 2020;
  • Het e-mail bericht van de roladministratie van deze rechtbank van 27 november 2020 aan de (op de dagvaarding vermelde) advocaat van Sizo (mr. G. van der Wende te Rotterdam), houdende de mededeling dat de zaak is ingeschreven onder het hiervoor vermelde rol- en zaaknummer, en op de rol is geplaatst van 23 december 2020 voor akte aan de zijde van Sizo;
  • de akte niet-dienen op de rol van 23 december 2020, verleend aan Sizo.

2..De beoordeling van de zaak

2.1.
Sizo heeft [gedaagde 1 en 2] gedagvaard tegen de terechtzitting van 7 oktober 2020 en daarbij de veroordeling van [gedaagde 1 en 2] gevorderd tot betaling aan Sizo van (onder meer) een bedrag van € 55.542,00.
2.2.
De dagvaarding is door of namens Sizo niet ter griffie ingediend. Op het verzoek van [gedaagde 1 en 2] , verwoord in de brief van 3 november 2020 aan de rechtbank, is de zaak op de rol ingeschreven. [gedaagde 1 en 2] heeft daarbij gevorderd te worden ontslagen van instantie met veroordeling van Sizo in de door [gedaagde 1 en 2] gemaakte kosten.
2.3.
Sizo is in de gelegenheid gesteld een akte te nemen als bedoeld in artikel 127 tweede Pro lid Rv. Aan Sizo is op 23 december 2020 een akte niet dienen verleend.
2.4.
Omdat Sizo geen gebruik heeft gemaakt van de haar geboden gelegenheid advocaat te stellen of een akte te nemen, zal de rechtbank [gedaagde 1 en 2] van de instantie ontslaan en Sizo veroordelen in de proceskosten.

3..De beslissing

De rechtbank
3.1.
ontslaat [gedaagde 1 en 2] van deze instantie,
3.2.
veroordeelt Sizo in de kosten van de procedure, aan de zijde van [gedaagde 1 en 2] tot heden begroot op € 587,00 (1,0 × tarief € 587) aan salaris advocaat.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. de Geus. Het is ondertekend en in het openbaar uitgesproken door mr. J.F. Koekebakker, rolrechter, op 17 maart 2021.
3361/3078/638