Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV)inzake een verzoek om schadevergoeding.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Opposant heeft het UWV gevraagd om schadevergoeding wegens onterechte ziekmelding, met een schadeclaim van €500.025,84. De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af op 18 december 2020. Hiertegen stelde opposant verzet in op 19 december 2020, zonder verzoek tot mondelinge behandeling.
De rechtbank oordeelt dat het verzet niet ontvankelijk is, omdat het verzet ingevolge artikel 8:55 Awb Pro alleen mogelijk is tegen uitspraken op grond van artikel 8:54 Awb Pro, terwijl de bestreden uitspraak een beslissing op een verzoek om voorlopige voorziening is op grond van artikel 8:83, derde lid, Awb. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzet. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzet tegen de uitspraak op het verzoek om voorlopige voorziening.