Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..De vordering in conventie
4..De vordering en het verweer in reconventie
5..De beoordeling
6..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
Partijen, voormalige samenwoners, hadden een woning laten bouwen waarvoor zij hoofdelijk aansprakelijk waren. Na het beëindigen van hun relatie maakten zij afspraken over de verdeling van de woning en legden deze vast in een notariële akte. De woning werd aan één partij toegewezen, die ook de hypotheek overnam, uitgaande van een overwaarde van ruim €50.000.
In een eerdere procedure werden zij veroordeeld tot betaling van een bedrag aan de aannemer Blokland. Nu vordert de ene partij dat de andere wordt veroordeeld tot betaling van diens aandeel in die kosten, terwijl de andere partij een tegeneis indient om slechts de helft van wat hij daadwerkelijk betaalde te moeten dragen.
De rechtbank stelt vast dat partijen bij het maken van de afspraken niet bewust waren van de openstaande schuld aan Blokland en dat er geen afspraak was dat één partij die schuld volledig zou dragen. Gezien de gezamenlijke eigendom en eerdere gelijke bijdragen, moeten zij de kosten gelijkelijk delen. De vorderingen worden daarom deels toegewezen en partijen dragen elk hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Partijen moeten de openstaande kosten voor de woning gelijkelijk dragen en elk hun eigen proceskosten betalen.