De gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond verzocht op 18 februari 2021 om verlenging van de ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing van een kind geboren in 2006, die sinds april 2020 onder toezicht stond en geplaatst was bij Stek Jeugdhulp. De verlenging werd gevraagd vanwege een trauma van het kind, hoog schoolverzuim en onvoldoende zicht op haar verblijf wanneer zij niet op school is. Tevens was er sprake van een vermijdende houding ten opzichte van hulpverlening en problematiek bij de moeder.
Tijdens de mondelinge behandeling op 22 maart 2021, met tolk Poolse taal, verschenen het kind, de moeder en vertegenwoordigers van de GI. De moeder stemde in met het verzoek en benadrukte de noodzaak van behandeling en opvoedondersteuning, mede vanwege zorgen over drugsgebruik en de invloed van een oudere broer. Het kind wilde graag naar huis, maar erkende de noodzaak van behandeling.
De kinderrechter oordeelde dat ondanks de inspanningen het kind nog ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd. De vermijdende houding en het schoolverzuim belemmeren een positief behandelresultaat. Ook de persoonlijke problematiek van de moeder en de relatie tussen beiden vragen om verdere hulp. De verlenging van de ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing voor een jaar werd passend geacht om rust, stabiliteit en behandeling te waarborgen.
De beschikking werd mondeling uitgesproken op 22 maart 2021 door kinderrechter H. Benaissa en schriftelijk vastgesteld op 12 april 2021. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en tegen deze beslissing staat hoger beroep open bij het gerechtshof te Den Haag.