Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..De vordering en het verweer in conventie
4..De vordering en het verweer in reconventie
5..De beoordeling
in conventie
6..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
De huurder [persoon A] vordert dat de verhuurder Woonbron wordt veroordeeld tot terugbetaling van servicekosten die betrekking hebben op twee zonneschermen, omdat deze volgens haar onroerend zijn en dus onderdeel van de kale huurprijs zouden moeten zijn. Zij stelt dat het afzonderlijk in rekening brengen van deze kosten onredelijk en nietig is.
Woonbron betwist dit en stelt dat de zonneschermen roerende zaken zijn, die geleverd worden in verband met de bewoning en daarom terecht via servicekosten worden doorberekend. De kantonrechter onderzoekt of de zonneschermen onroerend of roerend zijn, waarbij wordt gekeken naar de aard van de bevestiging en de verkeersopvatting.
De rechter oordeelt dat de zonneschermen roerende zaken zijn omdat ze zonder beschadiging van betekenis kunnen worden verwijderd en niet specifiek op het woongebouw zijn afgestemd. Ook als technische installatie zijn zij niet aard- en nagelvast verbonden. Daarom mogen de kosten via servicekosten worden doorberekend. De vordering van [persoon A] wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de huurder wordt afgewezen en de zonneschermen zijn roerende zaken die via servicekosten mogen worden doorberekend.