In deze civiele procedure staat de aansprakelijkheid voor schade door het losslaan van de ark van Noach centraal. De gemeente Urk, BigShip B.V., V.O.F. Zuiderzee en TVM Verzekeringen N.V. zijn partijen. De gemeente voerde tegenbewijs tegen het feitelijk vermoeden dat de bolders niet geschikt waren als afmeerfaciliteit, maar slaagde hier niet in. De rechtbank concludeert dat de bolders ongeschikt waren en dat de gemeente aansprakelijk is voor het aanbieden van een onveilige ligplaats.
De schuldverdeling is vastgesteld op 70% voor de gemeente en 30% voor BigShip, waarbij de gemeente het grootste aandeel heeft vanwege het niet voldoen van de bolders aan de ontwerpeisen en het aanwijzen van een onveilige ligplaats. BigShip droeg bij door onvoldoende voorzorgsmaatregelen en toezicht. De schade van de gemeente wordt vastgesteld op €158.405,83 en die van BigShip op €451.952,21.
De vorderingen van de gemeente worden ter verificatie op nihil gesteld vanwege de saldo-aansprakelijkheid en verrekening van vorderingen. BigShip wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vorderingen tot betaling van schadebedragen. De rechtbank veroordeelt de gemeente in de proceskosten van BigShip en TVM, terwijl de kosten in reconventie worden gecompenseerd. Het vonnis is gewezen door drie rechters en op 28 april 2021 in het openbaar uitgesproken.