Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 15 juni 2020 met producties 1-45;
- de conclusie van antwoord met producties 1-7;
- de brief van de rechtbank van 16 oktober 2020 waarbij partijen zijn opgeroepen voor een mondelinge behandeling en de brief van de rechtbank van 30 oktober 2020, waarbij nadere informatie over de zitting is verstrekt;
- de brief van mr. Roth, met producties 46-69;
- het proces-verbaal van de op 4 december 2020 gehouden mondelinge behandeling en de ter gelegenheid daarvan door mr. Roth overgelegde spreekaantekeningen.
2..De feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
“Objectiveerbare neurologische afwijkingen kunnen echter niet worden vastgesteld zodat gesproken kan worden van een Whiplash Associated Disorder (WAD) graad 1 tot 2.”Voorts wordt Allianz niet gevolgd in haar verweer dat er alternatieve verklaringen denkbaar zijn voor de klachten. Allianz wijst in dat verband op het feit dat [naam eiseres] in 2002 uit Iran is gevlucht en op haar scheiding in 2018. Dit is echter onvoldoende om de duidelijke breuk in de gezondheidssituatie en het functioneren van [naam eiseres] te verklaren die blijkens de overgelegde medische informatie direct na het ongeval is ontstaan. De conclusie is dan ook dat de klachten van [naam eiseres] in (juridisch) causaal verband staan met het ongeval.
5..De beslissing
26 mei 2021voor het nemen van een akte na tussenvonnis door [naam eiseres] ter zake hetgeen in rechtsoverwegingen 4.17, 4.20, 4.22 en 4.29 is overwogen, waarna Allianz zich bij antwoordakte na tussenvonnis kan uitlaten als bedoeld in rechtsoverweging 4.17, en kan reageren op de akte na tussenvonnis van [naam eiseres],