ECLI:NL:RBROT:2021:3837
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging vergunning particuliere beveiligingsorganisatie wegens niet-uitoefening werkzaamheden
Eiser, eigenaar van PDTM Security, vroeg verlenging van zijn vergunning voor het in stand houden van een particuliere beveiligingsorganisatie en de toestemming om het bedrijf te leiden. De vergunning was verlopen op 10 april 2019. Verweerder wees de aanvraag aanvankelijk af omdat eiser geen beveiligingswerkzaamheden had verricht gedurende de looptijd van de vergunning, zoals geadviseerd door de korpschef van de Nationale Politie.
Na bezwaar werd het primaire besluit herroepen en werd een vergunning verleend voor één jaar in plaats van de gebruikelijke vijf jaar, omdat eiser moest aantonen dat hij daadwerkelijk beveiligingswerkzaamheden verrichtte. Eiser voerde aan dat hij tijdens zijn dienstverband bij de politie de werkzaamheden had gestaakt op advies van zijn leidinggevende.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de vergunning beperkte tot één jaar, omdat eiser niet had betwist dat hij geen beveiligingswerkzaamheden had verricht. De rechtbank verwierp verder de stellingen van eiser over schending van het zorgvuldigheids-, evenredigheids-, fair play-, vertrouwens-, gelijkheids- en rechtszekerheidsbeginsel. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de vergunning en de beperkte verlenging wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.