ECLI:NL:RBROT:2021:3958
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging boete wegens vermijdbaar lijden bij onbedwelmd ritueel slachten door onvoldoende kopfixatie
Eiseres kreeg een boete opgelegd van €2.500 wegens het niet voldoen van de kopfixatievoorziening tijdens onbedwelmd ritueel slachten, waardoor een rund vermijdbaar lijden heeft ervaren. De toezichthouders van de NVWA constateerden dat het rund na de halssnede nog vrij kon bewegen en de wond in contact kwam met de metalen kopbeugel.
Eiseres voerde aan dat de werkwijze en apparatuur goedgekeurd waren en dat de NVWA permanent toezicht hield. Zij stelde dat de post-cut-stunning methode correct werd toegepast en dat het dier geen extra leed had ervaren. De rechtbank oordeelde dat ondanks de goedkeuring, het rund vermijdbaar lijden had door onvoldoende fixatie en dat eiseres extra maatregelen had kunnen nemen.
De rechtbank verwierp het beroep op vooringenomenheid van de toezichthoudende dierenarts en het beroep op het gelijkheidsbeginsel vanwege onvoldoende onderbouwing. De boete werd als niet onredelijk hoog beoordeeld, maar vanwege een overschrijding van de redelijke termijn met zestien maanden werd de boete met 15% gematigd tot €2.125. Tevens werden griffierecht en proceskosten deels vergoed aan eiseres. Het beroep werd gegrond verklaard en het primaire en bestreden besluit werden herroepen voor zover het boetebedrag betreft.
Uitkomst: De boete wordt gematigd tot €2.125 wegens overschrijding van de redelijke termijn en het beroep wordt gegrond verklaard.