De officier van justitie verzocht bij de rechtbank Rotterdam om verlenging van een zorgmachtiging voor een betrokkene met schizofrenie, die reeds een zorgmachtiging had tot 1 maart 2021. De betrokkene verblijft bij GGZ Delfland en vertoont wisselend impulsief en verbaal agressief gedrag, met ernstige psychotische wanen die leiden tot risico op ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang.
Tijdens de mondelinge behandeling, die vanwege COVID-19 via beeld- en geluidverbinding plaatsvond, werd betrokkene gehoord samen met haar advocaat en een verpleegkundige specialist. De rechtbank concludeerde dat betrokkene onvoldoende ziekte-inzicht heeft en niet bereid is vrijwillige zorg te accepteren, waardoor verplichte zorg noodzakelijk is.
De rechtbank achtte het toedienen van medicatie en medische controles noodzakelijk, maar zag geen aanleiding voor beperkingen van bewegingsvrijheid of insluiting. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de voorgestelde zorg is evenredig en effectief. De zorgmachtiging wordt verleend voor twaalf maanden, tot 16 februari 2022, met het doel de geestelijke en fysieke gezondheid te stabiliseren en betrokkene zo veel mogelijk haar autonomie te laten herwinnen.