De rechtbank Rotterdam behandelde een verzoek tot wijziging van de zorg- en opvoedingstaken en de onderhoudsbijdrage tussen ouders van twee minderjarige kinderen. De vrouw gaf aan dat de kinderen graag naar hun vader willen en steunde een uitbreiding van de omgang, maar uitte zorgen over onveiligheid bij de vader, zoals blootstelling aan scheldpartijen en drank- en drugsgebruik.
De man betwistte deze onveiligheid en stelde dat zijn situatie veranderd is. De rechtbank oordeelde dat de vrouw onvoldoende onderbouwing leverde voor de onveiligheidsclaims, waardoor een uitbreiding van de zorgregeling werd toegestaan. De rechtbank hield rekening met het advies van de raad voor de kinderbescherming om de ouders te laten overleggen over hun zorgen.
De kinderbijdrage werd aangepast naar €32 per maand (€16 per kind) met ingang van 1 juni 2021, waarbij de vrouw de achterstallige bijdrage vanaf december 2020 kwijtscheldt. De zorgregeling werd uitgebreid met een opbouwfase om de kinderen geleidelijk te laten wennen aan de omgang bij de vader, inclusief afspraken over vakanties en speciale dagen. Beide partijen dragen hun eigen proceskosten.