Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..[eiser 1] , t.h.o.d.n. [handelsnaam] ,
1..De procedure
- de dagvaarding van 25 mei 2021, met producties 1 tot en met 23,
- de conclusie van antwoord, met producties 1 en 2,
- de aanvullende productie 24 van [eiser 1] en [eiser 2] ,
- de mondelinge behandeling, gehouden op 3 juni 2021,
- de pleitnotitie van mr. Guntenaar.
2..De feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
€ 1.000,00.
€ 818,00 van de eerdere procedure tussen partijen. Deze vordering wordt afgewezen. Daartoe overweegt de voorzieningenrechter dat [eiser 2] (destijds [naam budgetbheer-bedrijf] ) is veroordeeld in de proceskosten, omdat zij een kort geding aanhangig had gemaakt nádat de advocaat van [gedaagde] had laten weten dat de recensies waren verwijderd en dat geen verdere reviews werden geplaatst. Het enkele feit dat [gedaagde] nadien op 3 maart 2021 nog een review heeft geplaatst, neemt niet weg dat er in december 2020 geen aanleiding bestond voor het aanhangig maken van het kort geding.