ECLI:NL:RBROT:2021:5762
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Afwijzing parkeervergunning voor bewoner met elektrische auto vanwege bijbehorende parkeervoorziening
Eiser, woonachtig in een gebouw met een bijbehorende parkeervoorziening, diende twee aanvragen in voor een permanente parkeervergunning bewoners, die beide werden afgewezen door verweerder, het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam. De afwijzing was gebaseerd op artikel 5, eerste lid, aanhef en onder b, van het Uitvoeringsbesluit parkeren Rotterdam 2020, dat bepaalt dat bewoners met een bijbehorende parkeervoorziening geen parkeervergunning kunnen krijgen.
Eiser voerde aan dat hij een elektrische auto heeft die hij verplicht moet gebruiken voor zijn werk en dat hij zijn auto niet kan opladen in de parkeergarage omdat deze automatisch is afgesloten en niemand toegang heeft. Hij stelde dat een laadpaal in de garage geen oplossing is. De rechtbank oordeelde echter dat het feit dat eiser zijn auto niet kan opladen in de garage niet afdoet aan het feit dat hij er kan parkeren en dat verweerder bevoegd was de vergunning te weigeren.
Verder wees de rechtbank het beroep op de uitzondering in artikel 5, achtste lid, af omdat de door eiser overgelegde verklaring niet voldeed aan de eisen van dat artikel. Ook het beroep op de hardheidsclausule uit artikel 11 werd Pro verworpen, aangezien verweerder aannemelijk had gemaakt dat het beleid gerechtvaardigd is door de schaarste aan parkeerruimte en eiser onvoldoende had aangetoond dat hij niet elders kan opladen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de parkeervergunning wordt ongegrond verklaard.