ECLI:NL:RBROT:2021:6805
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging schuldsaneringsregeling wegens toerekenbare tekortkoming afdrachtsverplichting en nieuwe schulden
De rechtbank Rotterdam behandelde op 8 juli 2021 het verzoek tot verlenging van de schuldsaneringsregeling van een schuldenaar die onder bewindvoering stond. De bewindvoerder rapporteerde een boedelachterstand van €1.364,98 en twee nieuwe belastingschulden uit 2018 en 2019, waarvoor een betalingsregeling was getroffen. De boedelachterstand was inmiddels teruggebracht tot €413,64.
De rechtbank oordeelde dat de schuldenaar toerekenbaar tekort was geschoten in de afdracht en het voorkomen van nieuwe schulden, maar gaf hem de kans deze tekortkomingen te herstellen door verlenging van de regeling met drie maanden. Tijdens deze verlenging geldt een beperkte afdrachtverplichting, waarbij het inkomen boven het vrij te laten bedrag wordt ingezet voor het aflossen van de boedelachterstand en de nieuwe schulden. De inspanningsverplichting en uitgebreide informatieplicht worden tijdelijk versoepeld.
De verplichting om geen nieuwe schulden te maken blijft onverkort van kracht. Indien de boedelachterstand voor het einde van de verlenging is ingelopen en de betalingsregeling met de Belastingdienst correct is nagekomen, kan de schuldenaar verzoeken om verkorting van de regeling. Vermogensbestanddelen die tijdens de verlenging worden verkregen, vallen onder de boedel.
De rechtbank bepaalde dat de regeling eindigt op 19 oktober 2021 en stemde in met de verlenging en de aangepaste verplichtingen. De schuldenaar ging akkoord met deze verlenging.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de schuldsaneringsregeling met drie maanden onder aangepaste voorwaarden wegens toerekenbare tekortkomingen.