ECLI:NL:RBROT:2021:6948
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij weigering Verklaring Omtrent Gedrag
Verzoeker heeft op 28 juli 2020 een aanvraag ingediend voor een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) voor de functie van advocaat. Deze aanvraag is bij besluit van 8 oktober 2020 afgewezen vanwege justitiële gegevens die een risico voor de samenleving vormen. Het bezwaar van verzoeker tegen deze weigering is op 17 december 2020 ongegrond verklaard.
Verzoeker stelde beroep in tegen het bestreden besluit en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, met het verzoek een deskundige te benoemen om de juistheid van het besluit te beoordelen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het benoemen van een deskundige een aangelegenheid is die tot de competentie van de rechtbank in de hoofdzaak behoort.
De voorzieningenrechter achtte het verzoek kennelijk ongegrond en wees het af. Er was geen aanleiding tot het horen van partijen en ook geen grond voor proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot benoeming van een deskundige bij de weigering van een VOG is afgewezen.