Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 6 augustus 2020, met producties;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Rotterdam
Partijen sloten op 10 februari 2020 een overeenkomst voor plaatsing van een vacature, waarna DPG een factuur van €724,79 aan Tale stuurde met een betalingstermijn van 30 dagen. Tale betaalde niet binnen de termijn, waardoor DPG incassobureau Plaggemars inschakelde om het bedrag inclusief rente en incassokosten te innen.
Tale stelde dat zij het bedrag op een verkeerd rekeningnummer had overgemaakt en betaalde uiteindelijk op 23 juni 2020 het factuurbedrag, maar weigerde de incassokosten en rente te voldoen. DPG vorderde daarom het restant van de hoofdsom van €125,08 plus wettelijke handelsrente.
De rechtbank oordeelde dat Tale in verzuim was en dat de betaling op een verkeerd rekeningnummer geen betaling aan DPG opleverde. De incassokosten en rente waren terecht in rekening gebracht en het restant van de hoofdsom was nog verschuldigd. Tale werd veroordeeld tot betaling van €125,08 plus rente en proceskosten.
Uitkomst: Tale wordt veroordeeld tot betaling van €125,08 plus wettelijke rente en proceskosten.