Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
- het exploot van dagvaarding van 9 oktober 2020, met producties 1 tot en met 10;
- de conclusie van antwoord, met producties 1 en 2;
- het vonnis van 23 november 2020 waarbij een mondelinge behandeling is bepaald;
- de e-mail van de gemachtigde van [eiser] , met productie 11.
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
- € 10.184,16 aan achterstallige huur tot en met de maand januari 2021, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW over de openstaande huurtermijnen vanaf de data van verschuldigd worden daarvan tot aan de dag van algehele voldoening;
- € 954,77 aan buitengerechtelijke incassokosten;