De officier van justitie verzocht op 18 juni 2021 om voortzetting van een op 17 juni 2021 opgelegde crisismaatregel voor betrokkene, die lijdt aan een schizofreniespectrumstoornis. Betrokkene vertoonde ernstig risicovol gedrag, waaronder verbale agressie en het voornemen de straat op te gaan met een mes. Ambulante zorg was niet meer toereikend.
Tijdens de mondelinge behandeling op 21 juni 2021, waarbij betrokkene en zijn advocaat via een videoverbinding werden gehoord, bevestigde een psychiater dat betrokkene nog steeds psychotisch was en medicatie nodig had. Betrokkene weigerde vrijwillige behandeling en medicatie, en het risico op verdere verslechtering was reëel.
De rechtbank achtte verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatie, bewegingsbeperkingen, beperkingen in het gebruik van communicatiemiddelen en opname in een accommodatie. Andere gevraagde zorgmaatregelen werden niet noodzakelijk geacht. De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel werd voor drie weken toegekend, tot en met 12 juli 2021.