De rechtbank Rotterdam heeft de verdachte samen met drie medeverdachten veroordeeld voor medeplegen van de verlengde invoer van circa 208,3 kilogram cocaïne via de Maasvlakte in Rotterdam. De feiten speelden zich af tussen 9 en 13 december 2020, waarbij de verdachten in of nabij een container met de drugs werden aangetroffen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op onder meer DNA-sporen van de verdachten op voorwerpen in de container, de aanwezigheid van encryptietelefoons en andere aanwijzingen die duiden op een gezamenlijke voorbereiding en uitvoering van de drugssmokkel. De verdediging voerde aan dat de verdachte dacht softdrugs te vervoeren, maar dit werd door de rechtbank niet geloofd.
De rechtbank achtte bewezen dat de verdachte opzettelijk handelde met het oog op het binnenbrengen van de cocaïne en veroordeelde hem tot een gevangenisstraf van 36 maanden. Daarnaast werd een maatregel opgelegd die de verdachte verbiedt zich gedurende vijf jaar op te houden op de Maasvlakte en alle Nederlandse zeehavens met containerterminals, met een directe uitvoerbaarheid en vervangende hechtenis bij overtreding.