Irado heeft bij de rechtbank Rotterdam een verzoek ingediend tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer wegens een ernstig en duurzaam verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer is sinds 1976 in dienst en werkt als allround medewerker BOR. Irado stelt dat herplaatsing binnen een redelijke termijn niet mogelijk is en dat de situatie niet aan de werknemer kan worden verweten.
Tijdens de mondelinge behandeling op 31 augustus 2021 waren beide partijen vertegenwoordigd door hun gemachtigden en ondersteund door leidinggevenden en vakbondsbestuurders. De werknemer erkende de verstoorde arbeidsverhouding en stemde in met de ontbinding en de voorgestelde vergoeding.
De kantonrechter oordeelde dat de arbeidsverhouding zodanig verstoord is dat voortzetting niet redelijk is en dat herplaatsing niet mogelijk is. Er is geen sprake van een opzegverbod. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 november 2021. De werknemer krijgt een beëindigingsvergoeding van €40.000 bruto toegekend, waarin de wettelijke transitievergoeding is begrepen. Partijen dragen hun eigen proceskosten.