Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De vaststaande feiten
3..Het geschil
4..De beoordeling
5..De beslissing
:
Rechtbank Rotterdam
PH Nederland nam de exploitatie van een Pizza Hut-vestiging inclusief inventaris en voorraad over van eiser. Eiser vorderde betaling van een openstaand bedrag van €5.584,43, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten. PH Nederland betwistte de volledige betaling en stelde een tegenvordering wegens wanprestatie wegens een gebrekkige koel- en vriescel en een kapot slot van de voordeur.
De kantonrechter oordeelde dat PH Nederland onvoldoende bewijs leverde voor haar tegenvordering en dat zij een mogelijkheid tot schadebeperking onbenut had gelaten door geen actie te ondernemen richting de leverancier van de koel- en vriescel. Ook was de schade aan de voordeur onvoldoende onderbouwd. Eiser betwistte de gebreken en verwees naar een leveranciersgarantie die niet aan PH Nederland was overgedragen.
De rechtbank wees de vordering van PH Nederland af en veroordeelde haar tot betaling van het openstaande bedrag, wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding en incassokosten. Tevens werden de proceskosten aan PH Nederland opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: PH Nederland wordt veroordeeld tot betaling van €6.611,01 aan eiser inclusief rente en incassokosten, wanprestatievordering wordt afgewezen.