Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de meervoudige kamer van 28 september 2021 in de zaak tussen
[naam eiser], te [woonplaats eiser], eiser,
Procesverloop
Overwegingen
Het bouwjaar is 1995.
Ter zitting heeft verweerder verklaard en eiser heeft dat beaamd, dat ongeveer 1.000 m² van de grond verhard is. Dat gebeurt vaak bij dit soort objecten, omdat een verharding noodzakelijk is om ervoor te zorgen dat de grond niet verzakt door het erover rijden met (zware) landbouwvoertuigen, aldus verweerder. De rechtbank vindt dit aannemelijk. De verharding heeft dan een functie die hoort bij een agrarisch bouwperceel en waarvan om die reden geen waarde verminderend effect uitgaat. Verweerder heeft hiervoor terecht geen correctie aangehouden.